Er verscheen dit weekend een verhaal op Dezeen over een pas afgestudeerde ontwerper van de Royal College of Art die stoelen maakt uit restpartijen stof van Vivienne Westwood. Oliver Stiff noemt het zelf fashion furniture, en zijn Socialite Chair werd voor de fotoshoot letterlijk naast een model gezet in kleding uit de laatste collectie van het modehuis.
Je kunt dat afdoen als een afstudeerproject dat het goed doet op Instagram. Maar er zit een gedachte onder die voor iedereen die een bank koopt relevant is, en Stiff verwoordt hem scherp: “Fashion understands how to create desire and identity through styling, image-making and storytelling. I think furniture can operate in that same way.”
Met andere woorden: de stof is niet de afwerking van het meubel, de stof is het meubel. En dat is precies de volgorde die in de meubelwinkel wordt omgedraaid.
Wat er in de showroom misgaat
In vrijwel elke woonwinkel kies je eerst een model en daarna, bijna als bijzaak, een stof uit een waaier. Het model bepaalt de prijs, de stof bepaalt hooguit een toeslag. Dat is een merkwaardige rangorde, want het model bepaalt hoe je zit en de stof bepaalt hoe de bank er over acht jaar uitziet en hoe hij aanvoelt op je blote benen in juli.
Als je de volgorde omdraait, ga je vanzelf betere vragen stellen. Waar is deze stof van gemaakt? Hoeveel Martindale-toeren haalt hij? Kan ik hem over vijf jaar nog nabestellen? Zijn de hoezen los? Dat laatste is misschien wel de nuttigste vraag van allemaal, want een bank met afneembare hoezen is een bank die je later opnieuw kunt aankleden zonder hem weg te doen. Onze keuzehulp voor banken begint niet voor niets bij gebruik en pas daarna bij uiterlijk.
Restpartijen: waarom luxe stof opeens afval heet
Het interessantste deel van Stiffs project gaat over waarde, niet over vorm. Hij kreeg van Westwood een partij deadstock, oftewel stof die is ingekocht en geweven maar nooit is gebruikt. Vaak gaat het om echt goed materiaal, in zijn geval onder meer Italiaanse stoffen van fabrikant Tessilbiella. Zijn opmerking daarover: een restlap kan van luxe naar afval kantelen puur omdat hij niet meer nodig is voor de productie.
Dat mechanisme kent de meubelbranche net zo goed. Stoffenleveranciers houden coupons over, collecties lopen af, en er blijven rollen liggen die technisch niets mankeren maar niet meer in de actuele kaart staan. Bij Nederlandse stoffeerders en meubelmakers liggen die rollen letterlijk achterin. Wie een bank laat herstofferen of een fauteuil laat overtrekken, kan er expliciet naar vragen: uitlopende collecties zijn vaak fors goedkoper dan de lopende kaart, bij dezelfde kwaliteit.
Voor een IKEA-bank kan het ook zonder stoffeerder. Losse hoezen in andere stoffen worden onder meer gemaakt door Bemz, dat maatwerkhoezen levert voor bestaande IKEA-modellen. Dat is de goedkoopste manier om een bank die verder prima zit een tweede leven te geven, en het is precies wat Stiff op designniveau doet: het frame blijft, de kleding gaat eraf.
Wat corsetten met een stoel te maken hebben
Zijn andere stuk, de Hurmull Chair, is gebouwd rond hergebruikt buisstaal met leerresten die strak om het frame zijn gespannen, met veterdetails. De inspiratie is corsetterie: “I was looking closely at corsetry and the way a corset shapes and supports the body through tension.”
Dat is niet alleen een mooi verhaal. Spanning is bij zitmeubelen een echt constructieprincipe. Een strak gespannen zitting geeft een heel andere zit dan een gestoffeerde met een dikke schuimlaag: directer, veerkrachtiger, en meestal langer houdbaar omdat er geen schuim in elkaar kan zakken. Je ziet hetzelfde bij klassieke fauteuils met gespannen leer of gevlochten zittingen. Wie een stoel zoekt die niet na drie jaar doorzakt, kan beter naar het spanningsprincipe kijken dan naar de dikte van het kussen. In ons stuk over de juiste fauteuil kiezen komt dat verschil ook terug.
Is fashion furniture een blijvertje?
Mijn eerlijke antwoord: als stijl niet, als werkwijze wel.
De patchwork-stoel met modestof is een galeriestuk. Zulke meubels worden in kleine oplages gemaakt, ze zijn duur, en het idee om je bank te stylen alsof het een outfit is werkt beter op een fotoshoot dan in een woonkamer waar ook nog gegeten en gerommeld wordt. Ik verwacht niet dat er volgend jaar patchworkbanken bij de woonwinkels staan.
Maar het onderliggende idee sijpelt wel door, en dat is goed nieuws. Merken die met restpartijen werken, collecties die per stof worden samengesteld in plaats van per model, hoezen die je apart kunt bestellen: dat zijn allemaal dingen die je nu al kunt kopen. Stiff verzet zich er bovendien tegen dat duurzaam design er per se bescheiden en gerecycled uit moet zien, en daar ben ik het mee eens. Een bank van een uitlopende collectie hoeft er niet uit te zien als een compromis.
Praktisch samengevat: vraag bij je volgende bank eerst naar de stof en pas daarna naar de korting. Vraag of er restpartijen liggen. Vraag of de hoezen los zijn en of de stof nabestelbaar is. Dat zijn drie vragen die je in vijf minuten stelt, en ze bepalen samen meer over de levensduur van je bank dan het merk op het label. Hoe je die stof daarna netjes houdt, staat in ons overzicht over een bank schoonmaken.
