Klassiek interieur: de bank met rolarmen, fluweel of leer die erbij past

Sanne de Wit avatar

·

Klassieke woonkamer met een fluwelen bank met ronde armleuningen en een oorfauteuil

Klassiek wonen heeft een stoffig imago, en dat vind ik onterecht. Denk niet aan een donkere kamer vol pluche en kanten kleedjes, maar aan een woonkamer met rust, symmetrie en meubels die er al jaren staan en er nog jaren kunnen staan. In die stijl is de bank geen bijzaak. Hij bepaalt of de kamer elegant voelt of alleen maar ouderwets. Ik zet op een rij wat klassiek van een bank vraagt, welke vormen erbij passen en welke fauteuils je ernaast zet.

Wat klassiek wonen kenmerkt

Klassiek interieur leunt op vormen die al eeuwen meegaan, vaak met Engelse of Franse wortels. Het draait om symmetrie, bijvoorbeeld twee dezelfde fauteuils aan weerszijden van de schouw of twee lampen op een dressoir. Materialen zijn warm en tastbaar, zoals donker hout, messing, marmer, fluweel en leer. De kleuren zijn diep of juist gebroken, van flessengroen, oxblood en marineblauw tot crème, zandsteen en taupe.

Wat klassiek onderscheidt van landelijk, is de afwerking. Landelijk mag ruw en geleefd zijn, met linnen en geschuurd hout. Klassiek is verfijnder, met strakke naden, bies langs de kussens en gedraaide of gebogen poten. Wie meer bij het ongedwongen landelijke uitkomt, vindt in mijn stuk over landelijk wonen de bank die daarbij hoort.

Welke bankvormen bij klassiek passen

Er zijn een paar vormen die je in bijna elk klassiek interieur terugziet. Ze verschillen vooral in hoe formeel ze ogen.

Vorm Herken je aan Het effect in de kamer
Chesterfield Capitonné met knopen, rug en armen op dezelfde hoogte, vaak in leer Stoer en herkenbaar, het middelpunt van de kamer
Bank met rolarmen Armleuningen die naar buiten krullen, vaak met losse rugkussens Zacht klassiek, gezellig en minder formeel
Camelback Een rugleuning die in het midden omhoog loopt, meestal op zichtbare houten poten Elegant en rechtop, mooi in een salon of hoge kamer
Rechte bank met bies Strakke vorm, afgewerkt met een bies langs zitting en armen Klassiek zonder opsmuk, makkelijk te combineren met modern

Een chesterfield is de bekendste, maar ook de dominantste. In een kleine kamer of een kamer met al veel donker hout wordt het snel een herenclub. Ik kies daar zelf liever voor een bank met rolarmen of een rechte bank met bies. Die geven hetzelfde gevoel van traditie, maar laten ruimte voor de rest van de kamer.

Pootjes en stof maken het verschil

Bij klassiek zie je de pootjes, en dat is geen detail. Gedraaide houten poten, conische poten met een messing dopje of lage bolpoten op wieltjes zeggen meteen klassiek. Een bank die tot op de vloer gestoffeerd is, met een rok langs de onderkant, kan ook, maar oogt landelijker en zwaarder.

Voor de stof zijn er twee klassieke routes. Fluweel geeft diepte en glans en past bij de rijkere kant van de stijl, zeker in groen, blauw of roestbruin. In de gids staan de fluwelen banken bij elkaar, zoals de Miramas in smaragdgroen van Leen Bakker en de EGEDAL in groen fluweel van JYSK. Fluweel vraagt wel wat onderhoud, zoals ik uitleg in velvet bank schoonmaken.

Leer is de tweede route, vooral in cognac, donkerbruin of ossenbloedrood. Leer wordt mooier naarmate het ouder wordt, en dat past precies bij een stijl die om duurzaamheid draait. Wat voor leer je kiest en wat het vraagt, lees je in mijn stuk over een leren bank kopen. Een gestreepte stof of een fijn damastpatroon is een derde, wat eigenwijzere keuze, maar dan wel in een rustige kamer.

Wat de gids aan klassieke banken heeft

Eerlijk is eerlijk, de meeste banken bij de grote woonwinkels zijn modern of Scandinavisch van vorm. Een echte chesterfield of camelback staat op dit moment niet in de bankengids. Wie klassiek wil wonen met een bank uit dat aanbod, zoekt dus naar de elementen die het gevoel dragen, zoals een ronde armleuning, houten poten en een warme stof.

De EKTORP in donkerblauw van IKEA komt met zijn ronde armen en rustige vorm het dichtst in de buurt van een klassieke bank met rolarmen, al staat hij in de gids bij de landelijke banken. De LANDSKRONA in goudbruin leer op houten poten neigt meer naar retro, maar werkt in een klassieke kamer met een donker dressoir en een messing lamp heel goed. De hele selectie leren banken is ook de moeite waard om door te lopen.

Welke fauteuils erbij horen

In een klassiek interieur is de fauteuil minstens zo belangrijk als de bank. Een paar vormen doen het altijd goed.

  • De oorfauteuil. Hoge rug, oren aan de zijkant, en perfect bij de open haard of in een leeshoek. Twee dezelfde naast elkaar zijn het toonbeeld van klassieke symmetrie.
  • De bergère. Een Franse fauteuil met een zichtbaar houten frame en gestoffeerde zitting en rug. Lichter van vorm, en daardoor mooi naast een zware bank.
  • De clubfauteuil. Laag, diep en meestal van leer. Die past bij een chesterfield of een bruine leren bank.

Hoe je tussen oorfauteuil, clubfauteuil en andere vormen kiest, lees je in de juiste fauteuil kiezen. Mijn eigen voorkeur is om de fauteuils niet in dezelfde stof als de bank te doen. Een fluwelen bank met twee fauteuils in een geweven stof of leer oogt rijker dan een setje uit een stuk.

Klassiek zonder museumgevoel

Het risico van klassiek is dat het te compleet wordt. Alles uit dezelfde periode, alles donker en alles zwaar, en dan voelt de kamer als een decor. Zet daarom een modern element tegenover het klassieke, zoals een strakke salontafel, een eigentijdse lamp of abstracte kunst boven de bank. Houd de muren licht als de meubels donker zijn, of maak het andersom. En durf ruimte leeg te laten. Klassiek wonen draait om een paar goede stukken, niet om een volle kamer.

Sanne de Wit avatar

Geschreven door